Actualiteit gegevens: 15-10-2019

Monumentgegevens

Monumentnummer
Het monumentnummer is een registergegeven
512724
Status: 
rijksmonument
Inschrijving register
Inschrijving register is een registergegeven
14 maart 2000
Kadaster deel/nr: 
11341/10
Internationaal Kenteken: 
Nee

Locatie

Provincie
Provincie is een registergegeven
Utrecht
Gemeente
Gemeente is een registergegeven
Soest
Woonplaats
Woonplaats is een registergegeven
Soest
X-Y coördinaat: 
148767 - 461699

Omschrijving
De rijksmonumentomschrijving is een registergegeven voor zover noodzakelijk voor de identificatie van het rijksmonument

Inleiding

Het POMPSTATION met bijbehorende KOLENLOODS en ECONOMISER aan de Van Weerdenpoelmanweg in Soestduinen is in 1902 in opdracht van de `Utrechtse Waterleiding-Maatschappij' gebouwd ter vervanging van een ouder pompstation uit 1882. Het terrein waarop het pompstation uit 1902 gebouwd is, werd eerst afgegraven om dichter bij het grondwater te komen. Dit was nodig omdat de pompen uit die tijd nog niet over het vermogen beschikte om het water onder een bepaalde diepte naar boven te pompen. De nieuwe behuizing van 1902 moest onderkomen bieden aan een krachtiger stoommachine om aan de steeds groter wordende vraag naar leidingwater te kunnen voldoen. Deze nieuwe stoommachine was in staat om duizend m3 water per uur naar boven pompen. In 1923 werd het pompstation aan de linkerzijde uitgebreid met een bouwvolume onder een plat dak. Het middenrisaliet van de uitbreiding had een laag zadeldak. Deze uitbreiding was bestemd voor een krachtiger dieselpomp. Bij de laatste verbouwing van 1992 heeft dit bouwvolume een ander dak gekregen, waardoor het oorspronkelijke aanzicht is verstoord en valt daarom buiten de bescherming. Tegen de achtergevel van het hoofdvolume werd in 1923 eveneens een aanbouw gerealiseerd voor een zogenaamde economiser, die stoom hergebruikte voor het opwarmen van het water in de stoomketels.

Het pompstation werd eind jaren zestig van de 20ste eeuw buiten bedrijf gesteld. Na jarenlange relatieve leegstand is eind jaren tachtig besloten het station te restaureren en de na-oorlogse uitbreidingen te slopen; de schoorsteen naast het ketelhuis was al begin jaren tachtig gesloopt. Ten behoeve van de huidige museale functie als waterleidingmuseum is het interieur nauwgezet gerestaureerd. Voor de nieuwe functie als vergadering is het voormalige aangepast. De machinehal heeft een museale opstelling gekregen. De opgestelde collectie bestaat uit een aantal pompmachines, waaronder een dieselmachine die nog in werking gesteld kan worden. Tegen de achtergevel van de uitbreiding uit 1923 is een nieuwe vleugel aangebouwd ten behoeve van een regiokantoor. Deze in stijl uitgevoerde uitbreiding valt buiten de bescherming. Het voormalige pompgebouw uit 1912 oorspronkelijk een dieselpomp in stond, fungeert thans als hoofdentree.

Omschrijving

Een op enige afstand en evenwijdig aan de weg gelegen pompstation met een aan de achtergevel aangebouwde kolenloods (links) en economisergebouw (rechts), elk éénlaags bouwvolumes onder een met kruispannen gedekte zadeldak. Alle gevels van het hoofdvolume, bestaande uit de machinehal en het ketelhuis, zijn uitgevoerd in grauwe baksteen die zijn in neorenaissance stijl verfraaid met natuurstenen cordonbanden, een profiellijst ter hoogte van de onderdorpels en aanzet- en sluitstenen in de getoogde strekken boven de vensters. De gevels van de kolenloods en economisergebouw zijn voornamelijk in hout uitgevoerd. De topgevels van de kolenloods en de gevels van het ecocomisergebouw zijn bekleed met kraaldelen. De symmetrisch ingedeelde voorgevel van het hoofdvolume (machinehal) is vijf traveeën lang met een middenrisaliet met tuitgevel van één travee. Hierin bevindt zich de oorspronkelijke ingang, bestaande uit een dubbele deur met rondboogvormig bovenlicht, voorzien van roeden in schelpmotief. Hierboven is een natuurstenen plaquette bevestigd met de tekst 'Utrechtse Waterleiding-Maatschappij'. In de top zit een gietijzeren rozetvenster. Het middenrisaliet heeft een tuitgevelbekroning met natuurstenen afdekplaten, waarbij op de hoeken een uitkragende schouderstuk is gemetseld. Ter weerszijden van het risaliet is de gevel twee traveëen breed, door middel van gemetselde lisenen ingedeeld. Onder de dakgoot is een uitkragend fries gemetseld van afgeplatte bogen op natuurstenen kraagsteentjes. Beide zijgevels van de machinehal zijn tuitgevels met schouderstukken, een klimmend fries van platte bogen op natuurstenen kraagsteentjes en een natuurstenen kraagsteen tuitgevelbekroning. De zijgevels van het ketelhuis hebben een indeling conform de voorgevel. Bij de linker zijgevel is één venster versmalt om de aansluiting van dit bouwvolume op de uitbreiding van 1923 mogelijk te maken. De achtergevel van het hoofdvolume (ketelhuis) is grotendeels door de kolenloods (links) en economisergebouw (rechts) aan het zicht onttrokken. Het heeft een drietraveeige indeling met lisenen, die aansluiten op het klimmende fries onder de gevelafdekking van de tuitgevel. In de middenas bevindt zich een gietijzeren roostvensters. Op toppinakel van de tuitgevel is een smeedijzeren bekroning geplaatst.

De oorspronkelijke indeling, bestaande een machinehal, ketelhuis, kolenopslag en economisergebouw is voor het grootste gedeelte in tact gelaten, alhoewel in het interieur voor de museale tijdens de restauratie van 1992-1994 wel enige aanpassingen hebben plaatsgevonden. De waardevolle architectonische en constructieve onderdelen van het interieur zijn de Polonceauspanten, de geleidebalken voor het hijswerk en de tegelwanden met facettegels in het ketelhuis en de machinehal. In het interieur is bij de restauratie een art nouveau kastenwand uit het verzekeringskantoor `de Utrecht' geplaatst. Van grote waarde is ook de economiser en het interieur van het kolenhok waar de schuine bakstenen wand, waarlangs de kolen naar beneden rolden, herinnert aan de oorspronkelijke functie.

Voor het pompstation ligt een open gazon dat naar de weg toe omhoog loopt. Het perceel wordt aan de straatzijde door een spijlenhek begrensd. De openheid van het perceel is in relatie met het pompstation van grote aanvullende waarde.

Waardering

Het pompstation Soestduinen is van algemeen belang vanwege de cultuur- en architectuur historische waarde als typologisch goed voorbeeld van een utiliteitsgebouw uit het begin van de 20ste eeuw dat deel uitmaakt van de ontwikkeling van de drinkwatervoorziening in Nederland. Het gebouw is een zeldzaam en relatief gaaf voorbeeld van een pompgebouw met neorenaissance detailleringen uit het begin van de 20ste eeuw, waarvan tevens de hoofdindeling en diverse interieuronderdelen bewaard zijn gebleven. Het object is beeldbepalend gelegen aan een open gazon en als zodanig markant gesitueerd.

Adressen
Straatnaam, Huisnummer, Postcode en Woonplaats zijn registergegevens

HoofdadresStraatNrToev.PostcodeSitueringLocatieWoonplaats
JaVan Weerden Poelmanweg23768 MNSoest

Oorspronkelijke functies

HoofdfunctieFunctiesoortHoofdcategorieSubcategorieFunctieVerbijzonderToelichting
Jaoorspronkelijke functieBoerderijen, molens en bedrijvenIndustrieNutsbedrijf
Neeoorspronkelijke functieHandelsgebouwen, opslag- en transportgebouwenOpslagKolenloods

Percelen
De naam van de kadastrale gemeente, de sectie en het perceelnummer zijn registergegevens

Kadastrale gemeenteSectieGrondperceelKad. objectAppartement
SOESTD5210
SOESTD5211

Bouwstijlen

HoofdstijlSubstijlZuiverheidToelichting
Neo-Renaissancestijlzuiver

Bouwactiviteiten

VanTotNauwkeurigheidWerkzaamheidToelichting
19021902exactvervaardiging
19201920exactverbouwing
19491949exactverbouwing

KANTINE

Ambachten

NaamBeroepToelichting
Utrechtse Waterleiding Maatschappij ; Utrechtopdrachtgever